Vorige nummers

MSM 132

Januari 2014 - nr. 132

 

TEST: Roco stoomloc type 26.050

Kort na een H0-model van de NMBS-stoomlocomotief van het type 26 door Märklin bracht nu ook Roco een model uit van deze imposante stoomloc. Märklin koos met de 26.038 voor een machine met badkuiptender, Roco daarentegen opteert voor een versie met rechte tender en bedrijfsnummer 26.050. Een uitvoerig testverslag van deze stoomlocomotief kan u lezen vanaf pagina 20.

 

TEST: Van Biervliet reeks 23

Op 10 september 2012 werden de laatste vier locomotieven van de reeks 23 aan de kant gezet. Hiermee kwam een definitief einde aan de eerste generatie elektrische locomotieven van de NMBS. Eén jaar later toont Van Biervliet zijn model van de reeks 23 in H0. Dit voorbeeld zou tot het beste behoren van wat mogelijk is in schaal H0. Onze eerste indrukken lijken dit te bevestigen, te volgen vanaf pagina 30.

 

BAAN: St.Marnock Engine Shed, een spoor-0 depot uit Schotland

Wat doe je als je een leuke collectie modellen hebt van stoomlocomotieven in 1:43,5, maar geen ruimte voor een complete modelspoorweg? Je kunt de modellen in een vitrine zetten maar het is uiteraard mooier om ze te laten rijden. Een vaak geopperd idee is om een locdepot te bouwen waar de locomotieven wat heen en weer kunnen pendelen of op een draaischijf keren. De Schotse modelbouwer Mike Bisset heeft dit idee omgezet in een depot voor zijn spoor-0 collectie, te bewonderen vanaf pagina 38.

 

BAAN: BW- Polchingen / Maifeld –Hbf, een indrukwekkende modelspoorweg van de MBF Maifeld

Een locdepot is onder de modelspoorders een graag gezien thema. Tot het einde van het stoomtijdperk en nog lang daarna was er een fascinerende bedrijvigheid op de tractieterreinen met vaak een grote verscheidenheid aan locomotieven. Geen wonder dat de grote Märklin-modelspoorweg van de modelspoorvrienden Maifeld tijdens de exposities altijd op veel belangstelling kan rekenen. Maak kennis met deze modelbaan vanaf pagina 50.

 

PLAN: Quevaucamps, een vergeten kopstation

Kopstations zijn zeer geliefd bij de modelspoorders; je hebt maar één wisselstraat nodig, en ze staan garant voor een boeiend treinverkeer. Kleine kopstations zijn in ons land evenwel eerder zeldzaam. Kopstations vinden we vaak terug in grote en middelgrote steden, als eindpunt van een spoorlijn, en dan zijn ze meestal te groot om door de modale modelspoorder nagebouwd te worden. Maar wie zoekt die vindt, en zo ontdekten we in een oudere uitgave van het TSP ‘Promenade Ferroviaire au Pays d’Ath’ het kopstationnetje van Quevaucamps, eindpunt van de voormalige spoorlijn 79. Hoe we dit in model vertalen kan u lezen vanaf pagina 58.

Verder: 

 

Diorama: 'Margival' een Noord-Frans diorama

Test: Modelmates verweringsvloeistoffen

Praktijk: Stuthout voor een kolenmijn, een diorama om mee te exposeren - deel 3

Praktijk: Ontwerp je station, deel 5

Praktijk: Zo was het Ruhrgebied deel 7 - Wegenbouw en overwegen

Praktijk: Ballasten met de stofzuiger

Praktijk: Met pailetten een antieke straatlantaarn zelf bouwen in H0

Reportage: Kies het model van het jaar 2013

Reportage: Het weekend van het 0-forum

Inhoud: Inhoudsopgave jaargang 2013

Test: De CityRail van Jocadis

Recensies